Prototypes, streven naar perfectie

Een tijdje geleden schreef ik over prototypes met de bedoeling er onmiddellijk een tweede deel aan te breien. Onder andere de voorbereidingen voor onze familiespeldag schoven dat helaas weer op de lange baan. Maar van uitstel mag geen afstel komen, dus even de koe bij de horens vatten.

Ik was immers gecharmeerd toen ik enkele dagen na die post een mailtje kreeg van Jonas. Hij had het stukje gelezen waarin ik terugblikte op Transplanet. Jammer genoeg vordert Transplanet niet aan een supersonische snelheid, verbouwingen en kinderen eisen een net iets prominentere plaats (en tijd) op. Ergens is dat spijtig, maar dat heeft ook zo zijn voordelen: zo kan het spelidee rusten, kan je er lang over nadenken en -net zoals met een tekst- moet je soms schoorvoetend toegeven dat het zoveel weken later toch iets minder vernieuwend en verbluffend is dan je oorspronkelijk dacht. Toch zit er schot in de zaak, met kleine pasjes ontwikkelt Transplanet zich verder. Zo heeft Jonas recent meegedaan aan het concours de Boulogne-Billancourt, een ontwerpwedstrijd met bikkelharde concurrentie, waardoor Transplanet jammer genoeg vroegtijdig uit de wedstrijd lag.

We gaan niet pathetisch zitten wauwelen over deelnemen is belangrijker dan winnen, maar alle feedback kan een spelontwerp verbeteren. Jonas laat dus zeker het hoofd niet hangen en trekt deze zomer naar verschillende spelbeurzen om zijn prototype te tonen, te demonstreren en te testen om zo nog meer constructieve feedback te krijgen. Trek jij deze zomer naar Zomerspel, loop dan zeker eens langs de prototypes en speel een spelletje mee. Ook op het Brussels Game Festival kan je Jonas wellicht vinden. Zulke evenementen zijn niet alleen ideaal om een hoop testspelers te vinden, ze laten je ook toe om vlot contacten met (potentiële) uitgevers te leggen. Netwerken, het blijft belangrijk, zeker in de spellenwereld.

Zoals je ziet, zit Jonas niet stil. Helaas kan hij niet op dinsdagen of zaterdagen naar onze spelavonden komen. Maar hij staat wel te springen om Transplanet verder te ontwikkelen, dus als er spelers zijn die Jonas verder willen helpen en graag een testspelletje spelen, laat het gewoon weten. Velen onder ons spreken immers ook op andere dagen af om samen te spelen. Als je op zo’n spelavond tijd en zin hebt om Transplanet eens te testen, dan is Jonas graag van de partij om jullie te ontvangen of om tot bij jullie te komen.

Er zat ook een ander mailtje in mijn mailbox. Toegegeven, er zitten er wel meerdere in mijn mailbox, bijvoorbeeld eentje die me wist te vertellen dat ik weer ettelijke miljoenen had gewonnen (of geërfd?) van een of andere achterachterkleinzoon van een recent overleden Nigeriaanse prins. Als ik die miljoenen kan claimen, dan bouwen we een groot Mechels spellencentrum. Maar goed, ik dwaal weer af. Een mailtje dus, eentje dat er bovenuit sprong, eentje van Sven. Iedereen die, al is het maar af en toe, op de spelavonden komt, kent Sven. Sven heeft een zwak voor miniaturen, voor thematische spellen, voor interactieve spellen. Maar Sven heeft ook een passie om zelf spellen te ontwikkelen. Misschien ben jij zelfs al mee aan tafel geschoven om er eentje te testen.

Voor Sven is het echter tijd om een stap verder te gaan: in plaats van elk spelletje mee te spelen, zou hij graag zijn spellen laten testen en spelen door een groep, zonder dat hij mee speelt, misschien zelfs zonder dat hij er heel de tijd bij zit. Op een spelavond is dat ideaal, zo kan hij zelf iets anders spelen, maar is hij onmiddellijk in de buurt om mogelijke vragen te beantwoorden en onduidelijkheden weg te werken. Achteraf is het ook makkelijker om rechtstreeks je opmerkingen en bedenkingen te geven. De discussie (of moet ik het bespreking noemen) achteraf is minstens even boeiend als het spel zelf.

Sven zit bomvol ideeën en moet overduidelijk zijn ludiek creatief ei kwijt. Van alle ideeën die rondslingeren in zijn hoofd en bij hem thuis, zijn er drie die hij nu intensiever zou willen uittesten en uitwerken.

  1. De eerste is Mythos, een deckbuilder waarin je wordt meegevoerd naar de duistere wereld van het geteisterde dorpje Arkham. Cthulhu dwaalt daar nog steeds ergens rond en heeft niks goeds in petto. Het leuke is dat je deze keer niet als brave bange burger een manier moet vinden om een meertentakelig monster een kopje kleiner te maken, neen. Als sekteleider mag je hier aan de slag om zo snel mogelijk de poort te kunnen openen zodat jouw godheid zich als eerste op het nietsvermoedende dorpje kan storten. Speel je graag eens de Cthulhu-kant en hou je van deckbuilden, dan is deze een absolute must.
  2. Het tweede is Dominion (ik vermoed dat hij nog wat aan de naam zal moeten veranderen, maar goed, het is een werknaam, een project), waar je een megacorp (een dystopische multinational dus) runt met als ultieme doel de wereld te overheersen. Het zou gebaseerd zijn op Illuminati en wordt hopelijk een flink verbeterde versie (maar daar kunnen jullie dus perfect mee helpen).
  3. Het laatste is Ragnarok, waar je teruggaat naar de Noorse mythologie. Dit spel is een miniaturenspel (want dat doet het altijd goed op Kickstarter). Vanuit Asgaard trek je met je godheid op pad om zo veel mogelijk mensen te redden en monsters te verslaan, terwijl Ygdrassil, de levensboom die alle werelden verbindt, weer eens dreigt vernietigd te worden. Ik heb het zelf nog niet gespeeld, maar als ik dit schrijf, vermoed ik dat er een semicoöperatieve, coöperatieve en zelfs solitaire variant van zullen verschijnen. Als stoere god met hamer en bijl de wereld redden, dat moet je toch eens meemaken!

Er is altijd plaats voor een extra spelletje in onze spellenmuur, er is altijd plaats voor een extra spel op Kickstarter. En ik ben razend benieuwd wanneer er nog eens een nieuw spel zich zal vestigen in mijn top 10.

Iets te vieren

Vandaag is het de Dag van de Speler. Neen, niet het zoveelste commerciële hersenspinsel om je naar de winkel te lokken en geld uit je zakken te kloppen, wel de dag dat BFVS-FBJS de tornooispellen voor volgend seizoen voorstelt. En dat is niets te vroeg, want over exact vier weken, op 17 maart 2019, trekken weer tal van onze leden richting Zedelgem in de hoop de zege naar Mechelen te brengen.

Volgende week, zaterdag 23 februari, stellen wij in onze speelzaal vanaf 14:00 met veel plezier de nieuwe selectie van spellen voor en testen we die uiteraard onmiddellijk uit. Zo krijgen onze tornooispelers de spellen alvast in de vingers, maar ook al neem je geen deel aan de tornooien, dan nog ben je meer dan welkom om een spelletje mee te spelen, als sparringpartner zeg maar. In een volgend stukje komen we daar vast uitgebreid op terug.

Af en toe lieten we het al vallen, in onze Facebook-groep hebben we ook al onze foto aangepast. Op zaterdag 2 maart vieren we onze eerste officiële verjaardag en dan liefst niet in beperkte kring, maar bij voorkeur met zoveel mogelijk leden, met elk  van jullie dus.

Noteer dus zeker met stip in je agenda: zaterdag 2 maart om 20:00 in onze speelzaal!

Om 20:00 klinken we niet alleen met z’n allen op onze eerste verjaardag, we lichten ook kort de werking van onze vereniging toe, we blikken terug op een geslaagd 2018 en kijken al verder vooruit naar 2019 en 2020. Ben je nieuwsgierig, wil je graag weten wat er allemaal bij de dagelijkse werking van een vereniging komt kijken, dan is dat het uitgelezen moment om al je vragen te stellen. Heb je een leuk (of een knotsgek) idee, dan horen we dat ook heel graag.

Natuurlijk is het zoals steeds een spelavond, dus er mag, moet en zal zeker gespeeld worden. Niet dat we de lat hoog willen leggen, maar we hopen alleszins dat de opkomst op zaterdag 2 maart alle huidige records breekt, zodat wij nog wat extra motivatie krijgen om er extra hard tegenaan te gaan.

Zoals ze in het Frans zeggen: Venez nombreux!

Survival of the Fittest: Dominant Species

ds in de kijker

Spel in de kijker: Dominant Species – 2 februari 2019

Sinds Dolly, het allereerste gekloonde zoogdier (1996), de opkomst van genetisch-gemodificeerde organismen (van bacteriën over planten en insecten tot zelfs bepaalde zoogdieren) en recent genetisch-gemodificeerde baby’s (twee om juist te zijn, door de Chinese arts Jiankui He) wordt Darwins survival of the fittest steeds meer buitenspel gezet.

Toch is het die survival of the fittest waar menig bordspel op gebaseerd is. Ik geef toe, evolutie an sich wordt zelden gebruikt als spelthema. Origin (2013) schiet me meteen te binnen (een mooi uitgevoerd en aardig familiespel met pit) toont hoe de mensheid evolueerde en migreerde. Ursuppe (1997) was rond de eeuwwisseling razend populair, wellicht omdat het thema (als amoebe tracht je zo efficiënt mogelijk te migreren, te evolueren en te reproduceren) eens totaal anders was, een buitenbeentje dus. Het trage spelverloop en het gevaar op AP (je weet wel: analysis paralysis, waardoor de wachttijd richting oneindig schiet) hebben wellicht het spel de das omgedaan. Ook dat is survival of the fittest. Een andere leuke van die tijd is Evo (eerste editie: 2001; tweede editie: 2011), een van mijn toenmalige favorieten die ik aardig vaak heb gespeeld. In Evo tracht je jouw dino’s zo slim mogelijk te laten evolueren om hun dominantie op de planeet te verzekeren en hun overlevingskansen te maximaliseren. Tot de meteoriet inslaat natuurlijk, want dan gaat onherroepelijk het licht uit. Evo heeft mijn collectie in 2011 verlaten. Een van de schuldigen is Cyclades. Cyclades en Evo delen namelijk hetzelfde biedmechanisme, een biedmechanisme dat bij ons vooral bekend werd door de 999Games-versie van Amon-Ra (2003). In 2016 wist Evolution: Climate talloze spelers te charmeren. Het spel zelf doet haar naam alle eer aan, want Evolution: Climate is een herwerking van Evolution (2014), dat zelf al een herwerking was van Evolution: Origin of Species (2010). Het toont aan dat de ontwikkeling van een spel aardig wat testspelletjes, kritische spelers en schaafwerk vraagt. Evolution: Climate staat ook bij mij in de kast. Al bij het eerste spel was ik gecharmeerd, maar echt onverwacht was dat niet, ik hou wel van combo-kaartspellen, zeker van de stevigere soort (zoals Innovation, Omen en het onbekende Brawling Barons).

Om terug te komen op Evo, ik vond het geweldig: een venijnig biedmechanisme, aardig wat conflict op het spelbord en een leuk thema. Meer moest dat niet zijn. Althans, dat dacht ik toch. Cyclades combineerde net hetzelfde: bieden, conflict en een leuk -Oudgrieks- thema. Toch had ik een zwak voor het evolutie-thema en Evo kon en mocht perfect stof vangen in mijn kast, wie weet mocht het zelfs af en toe nog eens op tafel komen. Maar dan, nog geen jaar na Cyclades, kwam Dominant Species (2010). Alles wat Evo deed, deed Dominant Species echter beter. Het staat bij mij sindsdien op het hoogste schavot, broederlijk naast Cyclades.

ds

Algemene regels en principes

Dominant Species gaat over de komst van een ijstijd waardoor diersoorten moeten migreren en zich aanpassen om hun voortbestaan te garanderen. Tot 6 dierklassen kunnen het spel spelen, elk met hun eigen sterke eigenschap. Bovenaan de voedselketen staan de zoogdieren (één dier per ronde blijft gespaard van uitsterving), gevolgd door vogels (vliegen twee gebieden ver per verplaatsing), reptielen (zijn beschermd tegen één regressie per ronde), amfibieën (hebben één extra water-voedingspunt), spinachtigen (doden één extra dier per ronde) en insecten (brengen één extra dier per ronde voort). De voedselketen is enorm belangrijk, want die geldt als tiebreaker gedurende het hele spel. Zoogdieren hebben dus zeker een streepje voor. Ter compensatie begint men het spel in omgekeerde spelersvolgorde, dus insecten eerst. Dat klinkt misschien zwak, maar het is niet zo eenvoudig om het initiatief over te nemen. Die balans zit dus zeker goed.

Een ronde in Dominant Species bestaat uit twee grote fasen: het plaatsen van de actiepionnen (fase 1) en het uitvoeren van alle acties (fase 2). Inderdaad, Dominant Species omarmt het worker placement-mechanisme als geen ander. Geen workers, maar actiepionnen hier, maar what’s in a name? In spelersvolgorde (dus de eerste ronde insecten eerst, zoogdieren laatst) zet je een actiepion op een vrije plaats. Als iedereen al zijn actiepionnen heeft gezet, start fase 2. Het aantal pionnen is trouwens ook fijn gebalanceerd: 3 als je met 6 speelt, 7 als je met 2 speelt. Zoals steeds, eerst is eerst en op is op. Het aantal acties is beperkt, het aantal plaatsen is beperkt. Het plaatsen van je actiepionnen zal gepaard gaan met gezucht en gekreun, gemompel en vooral gevloek.

img_20190120_2015437945280392886285773.jpg

De tweede fase, het terughalen van je actiepionnen en het uitvoeren van de acties, is uiteraard de essentie van het spel. Je merkt duidelijk de onmiskenbare invloed van Caylus (2005). De eerste actie is initiative, waarmee je niet alleen één plaatsje stijgt in spelersvolgorde, het is ook een wacht-actie, m.a.w. je mag je actiepion alsnog naar een vrije plaats verplaatsen. Het belang van iets achter de hand te houden, is zelden belangrijk (later [laatst] spelen is immers vaak nadelig), maar bij momenten kan deze subtiliteit toch een enorme deining veroorzaken. De volgende acties hangen samen: adaptation spreekt voor zich, hier kan je evolueren en je aanpassen aan het aanwezige voedselaanbod. De daaropvolgende regression doet net het omgekeerde: hier verlies je net een modificatie (zal wel een allergie zijn). Hier tonen de reptielen hun sterkte. De samenhang van adaptation en regression gaat nog verder, want elke ronde schuiven de voedselfiches door (wat dieren niet lusten bij adaptation, zal dus afsterven bij regression).

Daarna komt een cluster van 3 acties. Bij abundance mag je een voedselfiche op het bord leggen, op de kruising van 3 zeshoekige tegels, waardoor de aangrenzende gebieden extra voedsel leveren. Bij wasteland zal er net voedsel verdwijnen van het bord en wel alle voedsel aan de rand van de gletsjer. De opkomende ijstijd eist z’n tol. En als dat niet genoeg is, kan de meest gemene speler bij depletion nog een voedselfiche naar believen van het bord weghalen. De uitsterving dreigt, maar laten we eerst de andere acties overlopen.

De volgende actie is glaciation, waar het hele spel om draait. Het is meteen de enige actie waar je actiepion in de wachtrij kan gaan staan voor latere rondes. De speler die glaciation heeft, kiest welke tegel hij definitief laat dichtvriezen. Dat levert bonuspunten op, maar laat alle dieren op dat gebied, op een na per klasse, doodvriezen. Na de vrieskou volgt speciation, waar alle dieren gaan kweken, tenminste als je daarvoor kiest natuurlijk. Bij het zetten van je actiepion, kies je al rond welke grondstof je zal kweken, bij het uitvoeren van de actie kies je een voedselfiche van dat type en zet op de aangrenzende gebieden een aantal dieren bij (het aantal is afhankelijk van de het terreintype). En soms loopt dat wel eens mis. Insecten kweken altijd… eentje… op een gebied naar keuze. Daarmee zijn die irritante zespoters meteen extra lastig.

Tijdens wanderlust, het woord zegt het zelf, trekt jouw kudde erop uit: je kiest een van de openliggende terreintegels en legt deze aan waar het jou goed uitkomt (of net niet). Dat levert, net zoals bij glaciation, wat bonuspunten op. Het net ontdekte gebied kan gelijk bevolkt worden door dieren vanop de aangrenzende gebieden, waarbij je de volgorde van de voedselketen (zoogdieren eerst dus), respecteert. Dit is al een eerste manier van bewegen. Een goede inschatting en combinatie van wanderlust met migration laat je grote afstanden afleggen. Migration is immers eenvoudig, afhankelijk van je actiepion mag je 7 (als je als eerste speelt) tot maar 2 (als je als laatste speelt) dieren één gebied verplaatsen. Vogels mogen 2 gebieden ver vliegen. Dat vliegend ongedierte zie je soms dus niet aankomen.

De hele migratiestromen op de kleine planeet zorgen voor onrust, en onrust leidt tot conflict. De competition is hard en dieren die inzetten op competition mogen één dier van een andere klasse op drie gebieden waar ze samen aanwezig zijn (het terreintype wordt bepaald door de gekozen actie), elimineren. Dat is een mond vol, maar de ene vreet de andere op, zo simpel is het. En met één is het buikje vol, dus moet je maar een ronde wachten. Uitmoorden vraagt tijd, maar het lukt wel, geloof me vrij. De spinachtigen beginnen trouwens met opvreten, eentje naar keuze, of ze nu voor competition kiezen of niet. Arachnafobie moet ergens een reden hebben.

received_19504303852526945463226289379479564.jpeg

Tot slot is het tijd om punten te scoren tijdens domination. De speler die zijn actiepion bij domination heeft staan, mag kiezen welke terreintegel gescoord wordt en hier zit ook een flink stuk van de charme van Dominant Species. Als een tegel gescoord wordt, tel je de meerderheden op de tegel. De speler met de grootste kudde scoort de meeste punten (met de voedselketen als tiebreaker). De punten zijn afhankelijk van de tegel, zeeën scoren het meest, gevolgd door wetlands. De bergen en woestijnen scoren dan weer erbarmelijk laag. Bij zeeën scoren zelfs de beste 4, bij woestijnen slechts 2. Och ja, Een gletsjertegel scoort ook, 1 puntje voor de heerser. De moeite niet om je moe te maken (alhoewel, voor later misschien). Nadat het gebied gescoord werd, mag de dominante speler echter één van de 5 openliggende actiekaarten kiezen. Dominante speler? Inderdaad, en dat is niet noodzakelijk de houder van de meerderheid. Dominantie wordt berekend op basis van voedselfiches op het gebied en de genen die je hebt. Dat maakt de amfibieën in het water meteen zo goed. Dit mechanisme van een dubbele meerderheid (numerieke meerderheid vs. dominantie) creëert heel leuke dilemma’s.

Met domination is de ronde afgelopen. Dieren zonder voedsel komen om (van de honger, uiteraard), één zoogdier kan overleven. De klasse met de meeste dieren op de gletsjer scoort de survival-bonus en dan na wat geschuif met voedselfiches zijn we klaar voor een volgende ronde. En dat doen we tot de ice age-kaart genomen wordt. Dan is het onherroepelijk gedaan. Bij het begin van de ijstijd krijg je bonuspunten naar jouw dominantie, daarna worden op elke tegel nog eens de meerderheden gescoord. Gletsjerbonus, dominantiebonus en meerderheden, ze schudden de puntenstand eens goed door mekaar. Spannend tot het einde dus.

ds bord

Bespreking

Materiaal

Het materiaal is GMT-kwaliteit: stevig bord, stevige tegels en degelijke kaarten. Sleeven is geldverspilling, want ik ken niemand die sinds de release van Dominant Species het spel tot op de draad versleten heeft. Zowat alles staat op het spelbord en de compacte en toch overzichtelijke player aids. Ook de regelboek leest aangenaam, ook zoals we van GMT Games gewend zijn, al is Dominant Species wel leesbaar zonder enige voorkennis (denk ik). Ik vermoed dus dat vooral de speelduur en de harde en felle spelersinteractie het spel weghouden van het grote publiek.

Spelverloop

Dominant Species kan je indelen bij de 4x-spellen: explore, expand, exploit en exterminate en moet daardoor vaak de vergelijking met Twilight Imperium en Space Empires 4x doorstaan. Te begrijpen, maar niet helemaal correct. Alles in Dominant Species gaat traag, nog net niet gletsjer-traag, behalve dan het spelverloop en de spanning, die stijgt pijlsnel. Nieuw gebied ontdekken en innemen gaat traag. De gletsjer vriest maar traag aan en een tegenstander uitroeien gaat ook al tergend langzaam. Maar de aanhouder wint en plots is het eten op, plots sta je geïsoleerd op een ijsschots, plots ben je omsingeld en is er geen ontkomen meer aan.

De wachttijden in Dominant Species zijn bijzonder kort en net daardoor voelt het spel zo vlot en snel aan. Ok, er wordt wel eens gedacht waar je je actiepion wil zetten, maar dat is het zowat. En zoals gezegd kan een migratie van 7 diertjes ook wat tijd in beslag nemen, zeker als je twee migraties na elkaar mag doen, maar dat is eerder uitzondering dan regel. Je bent snel terug aan de beurt om je actiepion te plaatsen, je bent snel aan de beurt om je actie uit te voeren. Altijd iets te doen, altijd iets te beleven.

De leuke dilemma’s van worker placement komen tot hun volste recht in Dominant Species. Je kunt zo weinig, je wilt zoveel en daarbovenop wil je alles snel, hier en nu, terwijl je voor alles net tijd nodig hebt. Geduld is een mooie deugd. Het trage opbouwen naar suprematie en dominantie maakt het een pareltje voor strategen: op lange termijn plannen en nooit het ultieme doel uit het oog verliezen.

Tegelijkertijd blijft het een meerderhedenspel, met twee soorten meerderheden (zoals gezegd), waar de ene punten oplevert en de andere actiekaarten (die je absoluut niet wilt missen, laat staan afgeven aan een ander). Meerderheden dwingen je om opportunistisch te spelen, op korte termijn je toch steeds aan te passen om hier en daar een puntje mee te snoepen, om mee te liften of om een fenomenale slag te slaan, hopelijk niet te vroeg en al zeker niet te laat. En dat is dus tactiek, iets waar ik me helemaal goed bij voel.

Een mengeling van strategie en tactiek (maar toch veel tactiek), een combinatie van meerderheden en worker placement, onder een koepel van 4x met beperkte, maar duidelijke individuele sterktes van de spelers. Passieve interactie bij het blokkeren van acties, actieve interactie bij het veroveren van terrein en het uitmoorden van de ander. Terwijl ik het schrijf, vraag ik me vooral af wat men niet goed zou vinden aan Dominant Species.

Ook dat weet ik hoor: de chaos en onvoorspelbaarheid als je met 5 of 6 speelt. De langere speelduur (een snedig spel kan makkelijk 4 uur duren, ook al voelt het zo niet) schrikt ook wel wat mensen af. En natuurlijk het totale gebrek aan willekeur en geluk. Je moet tegen een stootje kunnen, het is dan ook het recht van de sterkste. Vrienden maak je niet tijdens dit spel hoor, maar plezier des te meer. Het is even wennen, maar het is maar een kleine aanpassing. Ook dat is evolutie.

Dominant Species, GMT Games, 2-6 spelers, 2-4 uur

Bron foto’s: GMT Games & Boardgamegeek

Wintermoeheid?

Ah, wat een weekend! Zondagavond en eindelijk een beetje rust. De kortste dagen hebben we alweer achter de rug en de dagen beginnen al merkbaar weer wat te lengen. Vrieskou is dan weer een ander paar mouwen, daar mogen we ons wellicht nog aan een flinke dosis verwachten. Maar -schoenmaker, blijf bij je leest- ik zal dit weerpraatje kort houden, er zijn immers tal van andere zaken te vertellen.

De lange nachten en de bijtende kou houden de mensen binnen. Gelukkig niet binnenshuis, wel binnen in de speelzaal. Wie herinnert zich vorige winter nog toen we een extra trui meenamen naar de spelavond omdat warm stoken iets had van dweilen met de kraan open? Deze winter kan de vrieskou ons echter niet deren. Daar zijn we Luc en Jonathan van De Spelfanaat uiteraard heel dankbaar voor. Naast een ruime zaal en een overvolle spellenmuur hebben ze immers ook gezorgd voor aangename temperaturen en de nodige drank. Wat heeft een spelliefhebber nog meer nodig?

Ja, dat was een retorische vraag! Niets, absoluut niets! De afgelopen weken hadden we al 7 tafels op onze spelavonden, gisteren waren er om 20:00 niet minder dan 10 tafels aan het spelen en echt alle soorten spellen kwamen aan bod. De grote opkomst zien we ook in ons almaar stijgend aantal leden. Gisteren hebben we immers alweer een mijlpaal bereikt. Voor zij die het niet weten, jullie lidnummer is uniek en persoonlijk, het is en blijft voor jou. Zo heb ik het nummer 4 en zal ik altijd nummer 4 houden. Gisteren heb ik ook nummer 100 uitgeschreven. Neen, dat wil (helaas) niet zeggen dat we in 2019 al 100 leden hebben. Dat wil wel zeggen dat er sinds onze oprichting (jawel, nog net geen 11 maanden geleden) 100 mensen zich hebben aangesloten bij onze vereniging. Wij hopen natuurlijk van harte dat alle leden van 2018 hun lidmaatschap in 2019 verlengen (hartelijk dankjewel aan iedereen die dat reeds gedaan heeft), maar mensen komen en gaan… ook in de spellenwereld. 100 leden, dat verdient een feestje? Je hebt gelijk. Zoals reeds gezegd vieren we graag onze eerste verjaardag op de spelavond van zaterdag 2 maart.

fb_img_1548011960859817461449403319007.jpg

Gisteren hadden we ook een 18xx-speeldag, voornamelijk bedoeld voor nieuwe en geïnteresseerde spelers die kennis wilden maken met deze familie spellen (opgelet: niet “familiespellen”). Hoewel David enkele weken geleden alleen maar voorstelde om “een tafel 1846 te leiden” tijdens een spelavond, hebben we het toch maar weer iets grootser aangepakt. Met 15 liefhebbers waren we zaterdag, goed voor 1 namiddagsessie (Steam over Holland) en 4 avondsessies (1846: The Race for the Midwest, 1889: History of Shikoku Railways, 1893: Cologne en Steam over Holland). Met 15 deelnemers halen we net niet het aantal van onze eerste conventie (op 18 augustus 2018), maar met 5 sessies doen we dan wel weer beter. David en ik willen alle aanwezigen nog eens speciaal bedanken om er een fijne en gezellige dag van te maken, om de verplaatsing naar Mechelen te maken en – naar wat ik hoorde- om van elk partijtje een bikkelharde strijd te maken op het spelbord. Bedankt, Gijs en Giel, om onze speeldag (alweer) een internationaal karakter te geven. Bedankt, Gijs en Guido, om een tafel te leiden. Kon je er niet bij zijn, wees gerust, wij plannen zeker nog een nieuwe introductiedag. En wij hopen natuurlijk iedereen terug te zien op onze zomerconventie tijdens het pinksterweekend (7 tot 10 juni 2019).

Verder zijn wij de agenda rustig aan het vullen. We hopen zo snel mogelijk enkele leuke workshops te kunnen voorstellen. Als jullie speciale vragen of wensen hebben, spreek ons gerust aan, laat het ons weten via email, Facebook of website. Wij gaan er zeker mee aan de slag. Hou ook Facebook en onze kalender in de gaten, daar heb je een leuk overzicht.

Volgende week ga ik me nog een keer met Bart, Thomas en Kristof, wagen aan een volgende episode van The Dunwich Legacy (Arkham Horror LCG). De week daarna, zaterdag 2 februari 2019, zetten we een spel in de kijker: Dominant Species van GMT Games. Ken je deze klepper nog niet die sinds 2010 stevig genesteld staat in het klassement van BGG (momenteel op plaats 49)? Dan kan ik maar een ding zeggen: “een aanrader, doen!” Liefhebbers van worker placement kunnen hun hartje ophalen. Fans van meerderheden ook. 4X-freaks zijn ook altijd welkom. Kortom, een unieke combinatie van steengoede mechanismen heeft geleid tot een pareltje, maar daar ga ik in een volgende post zeker nog dieper op in.

Pakjestijd

Zondag 23 december, de stilte voor de storm. Vandaag kom ik niet buiten, ook al is het dan weer een van de dolle koopzondagen. Neen, ik blijf veilig binnen, ver weg van de drukte van de binnenstad. Ik ben er de man niet naar om me in het gewoel te begeven. Al hou ik wel van gezellige drukte: op een (kleiner) festivalletje bijvoorbeeld of op een spellenbeurs. En natuurlijk ook in de spellenclub: “hoe meer zielen, hoe meer vreugd,” luidt het aloude gezegde en ik kan echt genieten van mensen te zien spelen.

Ik kijk dus weer uit naar volgende week zaterdag, naar een nieuwe editie van onze familiespeldag. Hopelijk dezelfde gezellige drukte als in september en veel spelletjes. Misschien zie je in de binnenstad wel een van onze (zeldzame) affiches hangen, maar wij rekenen vooral op de mond-aan-mond-reclame. Men zegge het voort!

december_spellendag2018_web

Voor deze editie wedden we op twee paarden.

Een kinderhand is gauw gevuld, dat weten we. Deze familiespeldag staat volledig in het teken van familiespellen, spellen met een mooie uitvoering, eenvoudige regels, voldoende uitdaging voor volwassenen en een stevige kans voor iedereen om te winnen. Spelen is misschien belangrijker dan winnen, winnen doet toch steeds deugd. De kleine kinderhanden willen we op deze feestelijke editie eens extra vullen… met reuzenspellen.

Van Asmodee mochten we een assortiment reuzenedities van leuke familiespellen uitlenen (toegegeven, ik moet ze nog ophalen, dus kleine wijzigingen blijven mogelijk). Eerst en vooral is er de topper en grote prijzenslokop Azul. Als je Azul nog niet kent, zeker eens uitproberen, je zal meteen weten waarom dit spel talloze prijzen wegkaapte.

Een andere die niet mag ontbreken is Takenoko met de schattige panda. In dit spel onderhoud je de keizerlijke tuinen, teel je bamboe en verzorg je de reuzenpanda. Een leuke mengeling van geluk en strategie en neen, je mag de panda niet mee naar huis nemen!

Een minder gekende is Origin. Dit spel ziet er niet alleen fantastisch uit (de uitgever is weerom Matagot en die hebben een stevige reputatie), ik vind hem zelf tijdloos en uitdagend genoeg om in mijn eigen collectie te houden en af en toe op tafel te leggen (en gezien de  concurrentie in mijn collectie nogal groot is, wil dat ook wel wat zeggen). Steviger dan Takenoko, voor elk wat wils dus.

We zetten ook graag een oudje op tafel: The Island (of Survive: Escape from Atlantis) is een nieuwe editie van Atlantis, dat reeds in 1982 het levenslicht zag en ook al in 1996 (met toen een nieuwe editie) massaal in de rekken stond. Een klassieker dus, die de tand des tijds heeft doorstaan en die nog steeds spanning en plezier aan de speltafel brengt. Terwijl het eiland Atlantis wegzinkt, tracht jij immers zo veel mogelijk mensen te redden. En in die strijd is het ieder voor zich! Of je nu aanschuift uit jeugdsentiment of niet, echt het proberen waard.

Op 1 september bleek Colt Express al een succesnummer te zijn. Dit vrolijke, verrassende (in alle opzichten) en ietwat chaotische spel wordt bijna 5 jaar en heeft alles om een superklassieker te worden, maar bovenal is het een spel waarmee jong en oud hun hartje kunnen ophalen. Een levensechte trein kunnen we nog niet in onze speelzaal zetten, maar met deze reuzeneditie wordt de beleving toch weer wat grootser.

Om een spel te winnen, moet je creatief en inventief zijn. De ander verrassen, je kansen grijpen. Voor de creatievelingen en artistieke genieën toveren we graag Junk Art op tafel. Dit spel focust zich niet op de rotzooi, maar vooral op de kunst om die rotzooi te stapelen en om te vormen tot iets artistiek. Junk Art heeft verschillende spelvormen waar elke kunstenaar wel zijn gading in kan vinden: een extra groot spel voor extra veel plezier en uitzonderlijke kunst.

En met Junk Art komen we naadloos bij ons tweede (stok)paardje. Naast de reuzenspellen zetten we op deze familiespeldag de behendigheidsspellen (dexterity games) in de kijker. De bekendste behendigheidsspellen zijn ongetwijfeld Jenga en Mikado, ook Dokter Bibber past in dat rijtje. Daar zowat iedereen wel een of andere versie van die spellen op zolder heeft staan, focussen wij uiteraard op andere.

Coconuts was al een succes op de vorige familiespeldag. Never change a winning team, dus dit pareltje zal ook nu weer de kokosnoten rond je oren laten fluiten. Ook Fast Shot (van dezelfde uitgever, Jumping Turtle Games) brengen we mee. Fast Shot heeft echt alle troeven in handen: het is klein (en past in je binnenzak), kan echt overal gespeeld worden, is snel uitgelegd en heeft een enorme “nog een keer“-factor. Wie graag knikkerde, moet zeker zijn schijfje in het doel trachten te schieten.

Wie graag schiet op groter formaat, komt met Pitchcar vast aan zijn trekken. Formule 1 racen met je vingers… schiet je (schijf)autootje over de baan als een puck over het ijs. De spanning is telkens weer te snijden.

Met je vingers en wat schijfjes kan je nog veel meer spellen bedenken en dat hebben ze doorheen de jaren ook gedaan. Carrom heeft aardig wat weg van eight ball pool, maar dan met je vingers. Sjoelen kent iedereen wel, maar we brengen (hopelijk) nog meer (houten) behendigheidsspelletjes mee.

En mocht je tussen al die spellen je gading niet vinden, mocht je graag iets anders spelen, dan kan en mag dat uiteraard altijd. Onze spellenmuur (die almaar blijft aangroeien, met dank aan De Spelfanaat) staat immers altijd ter jullie beschikking. Kortom, er is geen enkele reden om geen kijkje te komen nemen, om niet binnen te springen op onze familiespeldag.

Schiet naar de maan, beland tussen de sterren

Het was vreemd vorige week. Nog geen tien minuten had ik “de nieuwsbrief” op Facebook gepost of daar kwam Wiebke met het fantastische nieuws dat Stijn het tornooi van Meerhout op zijn naam geschreven had. Ja, dat is echt fantastisch nieuws. En neen, niet omdat we niet in Stijn geloofden, niet omdat we het voor onmogelijk hielden. In tegendeel, we wisten dat het er in zat. Stijn is immers een sterke en ervaren speler die er heus niet voor spek en bonen bij zit.

Ook het tornooi daarvoor speelde Spellenclub Mechelen een hoofdrol in een spannende eindstrijd. Wiebke moest in die eindstrijd helaas de duimen leggen met een eindscore van 357,94 tegen 358,97 en strandde op een schitterende tweede plaats. In onze club wisten we het al langer, Wiebke is een straffe madam met wie je rekening moet houden. Ook dat weten ze nu bij BFVS (FBJS).

Spellenclub Mechelen heeft dus naam én faam gemaakt in een spetterend eerste seizoen. Onze ploeg viel al op door samenhorigheid en sfeer (een 10 voor gezelligheid, mocht er iets bestaan als “Komen Spelen”) en natuurlijk zag je ze al van ver, in club-t-shirt of -trui. In het club-klassement strandden we op de vierde plaats, net naast het podium. Dat is spijtig, ja, maar het smaakt vooral naar meer en het geeft goesting, goesting om volgend jaar óp dat podium te staan. Maar er is ook een leuke kant, want die vierde plaats is wel een ticketje naar het Europees kampioenschap op Spiel in Essen waard.

Het is dus niet meer dan correct om al onze spelers hier zeer uitdrukkelijk te bedanken voor hun inzet en motivatie en ze te feliciteren met hun prestaties. Deelnemen aan tornooien moet in de eerste plaats, altijd en overal, plezant blijven. Een puike prestatie is dan mooi meegenomen. Niet elk spel is even makkelijk te winnen, niet voor elk spel zijn er evenveel finaleplaatsen, maar dat maakt niet uit. You win some, you lose some… als je maar blijft spelen, als je je maar blijft amuseren.

Volgende spelers plaatsten zich voor de finale:

  • Catan: Wiebke en Johan
  • Level 8: Patrick en Patrick
  • Berenpark: Wiebke
  • Notre Dame: Stijn
  • First Class: Philippe
  • Torres: Balte
  • Het dorp: Patrick
  • Great Western Trail: Philippe
  • Castles of Burgundy: Johan
  • Chickwood Forest: Wiebke
  • Cartagena: Bianca en Patrick
  • Istanbul The Dice Game: Anja
  • 7 Wonders: Johan en Stijn

Dat is een indrukwekkend lijstje, inderdaad. En als jij nu zin krijgt om ook eens de tornooisfeer op te snuiven, spreek dan zeker Anja of Patrick eens aan op de spelavonden. Voor alle informatie omtrent inschrijvingen, carpoolen, spellen en ervaring kan je zeker bij hen terecht.

 

Ruimtevaarder, ruimtekoerier

Sommigen zagen het al op onze Facebook-pagina, we hebben weer iets leuks voor onze spelavond van 20 oktober 2018. Die avond komt Jonas De Meulenaere immers naar onze spelavond om zijn prototype Transplanet voor te stellen en te onderwerpen aan jullie deskundig oordeel. Dat the cult of the new heerst op onze spelavonden, dat hebben we al gemerkt. Velen zijn altijd wel in voor iets nieuws. Demonstraties, zoals we er al enkele hebben gehad, gaan er dan ook in als zoete koek. Nu wordt het pittiger. Een nieuw spel, tuurlijk. Een demonstratie, zeker! Maar nog in een cruciale fase van de ontwikkeling. Jonas zelf hoopt natuurlijk dat het spel piekfijn in elkaar zit, herspeelbaar, gebalanceerd en met de nodige spanning. Maar dat kan hij maar op een manier te weten komen: spelen, spelen en nog eens spelen. En bij voorkeur dan nog laten spelen door onbekende spelers, onbevooroordeelde spelers, ervaren spelers met een kritische blik, een duidelijke formulering en argumentering, een helpende hand en natuurlijk een bemoedigende glimlach. Voel jij je geroepen om eens te proeven van een spel in volle ontwikkeling, zeker eens langskomen op 20 oktober. Jonas brengt immers twee prototypes mee van Transplanet.

Maar wat is Transplanet eigenlijk? Die vraag stelde ik me -uiteraard- ook. De vraag “is het zoiets als Catan?” heb ik maar wijselijk achterwege gelaten. Die (stupide?) opmerking is menig veel-speler immers al beu gehoord. Mochten we elke keer een euro krijgen, de drank was gratis op onze spelavonden! Maar goed, ik dwaal weer af.

Voor Jonas is het natuurlijk ook moeilijk om Transplanet te omschrijven. Elke spelontwerper baseert zich wel ergens op: een mechanisme, een thema, een sfeer… Jonas zelf staat overduidelijk zot van het “pick-up and delivery” mechanisme, m.a.w. iets opladen om elders af te leveren. Neen, dat is geen nieuw mechanisme. Grote kleppers als Age of Steam en Railways of the World gebruiken het. Ook Himalaya (nu Lords of Xidit, al heb ik die nieuwe versie nooit gespeeld) en het blijvertje Istanbul zijn voorbeelden van dit mechanisme. Jonas zelf durft toegeven dat hij de mosterd haalde bij Piraten & Kooplui (Merchants & Marauders).

20180522_Transplanet_Testprint_1322a_web

Het thema ligt natuurlijk weer mijlenver (of is het lichtjaren ver?) van de piraten. In Transplanet moet je planten gaan halen op aarde om ze dan naar je eigen planeet te brengen en daarvoor beschik je over gesofistikeerde vrachtschepen. Natuurlijk liggen er weer kapers op de kust, in het universum ben je immers nooit alleen. Plantjes ophalen ontaardt algauw in een race en die stevige vloot aanvalsschepen (die je ook ter beschikking hebt en die tot nu niets deed) ontketent een scherpe en gemene strijd.

Dat klinkt mij alvast als muziek in de oren: aardig wat spelersinteractie (geen multiplayer solitaire dus), richting wargame zelfs, met een stevige strategische onderbouw die toch weer vlot tactisch bijgestuurd zal moeten worden. Jonas voegt nog graag wat ruimtelijk inzicht toe (door het positiespel op het bord krijg je een kat-en-muis-spelletje als spelelement erin verweven) en laat meteen weten dat spelers met een dobbelsteenfobie best twee keer nadenken. Combat resolution gebeurt immers lekker old-school, met dobbelstenen dus. Daar houdt een fervente wargamer als ik natuurlijk van.

TP_detail.JPG

Allemaal leuke spelelementen om duimen en vingers van af te likken dus. Het spel is geschikt voor 2 tot 4 spelers (met 2 prototypes kunnen er dus 8 spelers aanschuiven, wat heel fijn zou zijn) en qua speelduur mag je een halfuurtje per speler rekenen. Dat zijn dus twee spelsessies op de spelavond! En ongetwijfeld een superleuke en leerzame babbel met Jonas achteraf.